Super Canaria Sunshine
mijn ervaringen met ADD

De hoogste tijd

6 augustus 2013

Fijn dat mijn blog gelezen wordt! Dat doet mij oprecht erg goed. Ik schrijf graag en wilde al heel lang een blog starten maar die moest dan wel ergens over gaan. In dat opzicht kwam ADD dus mooi uit. Sinds de diagnose heb ik er geen geheim van gemaakt, dat heeft een aantal mensen die zich in mijn verhaal herkenden al over de drempel geholpen om uit te laten zoeken of ze wellicht ook ADD hebben. Anderen zijn zelf opener geworden over hun diagnose. Ik vind dat positief, maar ik begrijp wel dat de omgeving en omstandigheden daarvoor niet in alle gevallen ruimte bieden.

Ik kreeg de vraag of ik het niet lastig vond om zo veel persoonlijke dingen open te delen. Dat vind ik niet en ik deel ook zeker niet alles. Wat hier staat is slechts een fractie van mijn gedachten, als ADD’er heb ik er daarvan nu eenmaal erg veel. Met mijn beste vrienden bespreek ik meer en sommige dingen deel ik helemaal niet. Daarnaast beschrijf ik vooral gebeurtenissen en ervaringen, voor mijn gevoel zijn dat vooral observaties van een afstand. Ik schrijf ook fictie en het zou veel meer dichtbij en persoonlijk voelen als ik die verhalen deel.

Door een andere reactie ging ik nadenken over tijd en planning. Voor mij heeft ‘tijd’ twee verschillende betekenissen. De eerste is de reële tijd, die gebruik ik wanneer ik voor mijn werk inschattingen van projecten maak. Ik kan prima bepalen hoelang een activiteit in de uitvoering van een project duurt. Ook mijn agenda indelen en afspraken inplannen vallen daaronder. Daar is weinig bijzonders aan.

De andere tijd is dimensieloos. In die tijd, waarvan het besef me volledig ontgaat, moet ik het geplande werk daadwerkelijk uitvoeren. Concrete planningen worden ineens abstract. Ik heb zelden een idee hoelang ik ergens mee bezig ben geweest. Het komt vaak voor dat ik nog snel even iets wil afmaken, wat uiteindelijk toch veel langer duurt. ’s Avonds thuis verder werken en daardoor veel te laat gaan slapen is ook gevaarlijk, het liefst zou ik dan de hele nacht doorgaan.

Buiten de werksituatie uit het zich bijvoorbeeld op zondagmiddag, als ik spontaan het idee krijg om tien minuten voor sluitingstijd muurverf te halen bij de Gamma en de keuken te gaan schilderen. Terwijl de afwas er nog staat en ik eigenlijk boodschappen moet doen voor het avondeten. Dat kan uiteraard allemaal en tussendoor lees ik ook nog de krant. In die tijd, in mijn hoofd.

Ik kan me niet aan planningen houden, alles moet nu, anders gaat het op de grote stapel. Mijn hoofd lijkt daarbij op een computer. Eentje met een supersnelle processor, weinig werkgeheugen, een stukje cachegeheugen en een trage harde schijf. En een gebruiker die als een idioot op het toetsenbord zit te rammen en de muis alle hoeken van het scherm laat zien. Mijn werkgeheugen is gevuld met de activiteit waar ik op dat moment mee bezig ben. Andere prikkels blijven binnenkomen alsof het fullscreen popups zijn. Sommige parkeer ik maar meestal kan ik ze onmogelijk negeren.

Op werk gebruik ik wel vlaggetjes en prioriteiten in mijn e-mail, maar het is beter als ik binnenkomende vragen of issues direct afhandel. Dan hoeven ze niet naar de trage opslag, waar ze ongestructureerd worden gedumpt en lastig terug te vinden zijn.

Intussen denk ik ook weer aan alle dingen die ik hier in huis nog moet doen en ben ik ongemerkt al veel te lang met deze blogpost bezig. Het is tijd om nog even iets anders te gaan doen. Gelukkig is de Gamma al dicht …